• Petranpad Ultra 112 km!

    Zaterdag 2 mei was het dan eindelijk zover: de dag waar ik lang naar toe had getraind en stiekem toch wel tegenopgekeken had. Mijn verste afstand tot dan toe was 65 kilometer, en die wedstrijd voelde voor mij niet als een succes. Sterker nog, de uitvoering was eigenlijk dramatisch. Ik twijfelde tot een week voor het Petranpad nog of ik mijn inschrijving niet om zou laten zetten naar de 65 km afstand, maar uiteindelijk besloot ik toch om voor de 112 km te gaan.

    Zaterdagochtend rond half 4 ging de wekker, niet dat dat nodig was, want ik was al rond 3 uur klaarwakker. Toch wat spanning voor wat er komen gaat. Snel probeer ik wat witte bolletjes met jam te eten, maar dat lukt bijna niet dus stop ik ze maar in mijn trailvest voor onderweg. Uiteraard is dat niet het enige wat ik bij me heb, ik heb een dropbag vol met eten en drinken. Deze krijgen we op 55 km en hiermee kan ik mijn trailvest opnieuw vullen. En uiteraard zit mijn trailvest bij de start al vol met gels, stroopwafels, en wat noten.

    De startplek is niet al te ver van mijn huis, dus na zo’n 30 minuten rijden kom ik aan in Meerlo. Na mijn startbewijs en een tracker opgehaald te hebben, is het tijd voor een korte uitleg van de organisatie. Er wordt gewaarschuwd voor de verwachte warmte. Gedurende de dag zou de temperatuur boven de 20 graden oplopen, met een flinke vochtigheidsgraad, dus veel drinken is het advies. Gelukkig heb ik Precision PH 1500-tabletten bij mij om de verloren elektrolyten direct aan te vullen. Dus ik besluit ook om bij elke mogelijkheid mijn flessen bij te vullen en er een tablet in te doen.

    Om 5 uur gaan we dan van start, en ik verbaas me eigenlijk over hoe snel sommigen er vandoor gaan. Natuurlijk verwacht ik dat van top ultralopers als Roman Packbier en Onno Overes (die uiteindelijk gezamenlijk als eerste over de finish kwamen), maar ik had niet verwacht eigenlijk direct redelijk achteraan in het veld te zitten. Ik had van tevoren al besloten om mijn eigen tempo te lopen, en niet proberen aan te sluiten bij groepen de eerste 55 kilometer, want het doel is om de wedstrijd uit te lopen op een zo comfortabel mogelijke manier.

    Na ongeveer 12 kilometer kwamen we bij de eerste post al aan na ongeveer 1 uur en 20 minuten. Ik had nog niet heel veel gedronken, maar toch besloot ik mijn fles bij te vullen, maar liep daarna redelijk snel weer door. Eigenlijk de eerste twee posten liep ik met zo’n beetje dezelfde mensen om me heen, sommigen met net zoveel ultra-ervaring als ik (weinig dus) en anderen die het Petranpad al vaker gedaan hadden. Wel prettig om ervaringen te delen, en dat zorgde er ook voor dat we sneller bij het tweede checkpoint waren dan ik had gedacht. Dit was net na de zeer indrukwekkende begraafplaats in Ysselsteijn, waar we uit respect wandelend overheen moesten.

    Het volgende checkpoint zou Griendtsveen moeten zijn op zo’n 38 kilometer. Ik voel me eigenlijk best fris, maar ik merk wel dat het zelfs om 7 uur in de ochtend al drukkend warm begint te worden. Rond 9 uur kom ik aan in Griendtsveen en zie ik van een afstand mijn taekwon-do-trainer staan. Wat een leuke verrassing dat hij de moeite heeft genomen om hiernaartoe te komen. Samen lopen we richting het checkpoint en vul ik mijn softflasks weer bij, eigenlijk vanaf dit punt drink ik minimaal 1 liter tussen elk checkpoint in. Na een praatje en een paar stukken banaan is het tijd om verder te gaan. Vanaf dit punt loop ik praktisch alles alleen. Ja, ik kom wel mensen tegen en soms loop ik een paar kilometer samen, maar het grootste deel loop ik alleen. Ik ben dan ook blij dat ik de week ervoor een nieuwe koptelefoon van Shokz had gekocht, want de jaren 90 rock muziek zorgt ervoor dat ik, wanneer ik het zwaar heb, niet in mijn hoofd ga zitten. Ik zing wat mee en denk niet na.

    Op 55 KM ligt mijn dropbag, hier neem ik de tijd om mijn trailvest opnieuw te vullen met gels en dergelijke, en ga ik even zitten voor een broodje en een flesje ice tea. Ik drink dat eigenlijk nooit, maar wat smaakt dat lekker vandaag! Dit is ook het eerste moment waarop ik begin te merken dat ik eigenlijk geen honger meer heb, en toch wat last van mijn darmen begin te krijgen. Ik besluit dan ook om niet al mijn broodjes op te eten, maar om wat cola te drinken, en wat extra repen in mijn tas te steken en weer verder te gaan. Ik ben ook niet de enige die het hier wat zwaarder begint te krijgen, want eigenlijk vanaf een kilometer of 50 begin ik langzaam mensen op te pikken. Eigenlijk wel fijn (voor mij dan), want het zorgt voor wat afleiding tijdens het lopen, want je maakt al snel een praatje.

    Nog vier checkpoints te gaan, en dit is ook hoe ik de wedstrijd heb ingedeeld, per checkpoint en niet naar de kilometers kijken. Tussen elk checkpoint zit zo’n 12-17 kilometer, en dat is te overzien. Ik hobbel rustig door, en geniet van de natuur. Mooie stukken bos, heide, vennetjes, de stukken langs de Maas, en natuurlijk het moerasgebied, eigenlijk is het vanaf het begin aan al genieten. Ik snap ook wel dat sommige mensen deze wedstrijd meerdere malen gedaan hebben, het is niet alleen top georganiseerd en zeer vriendelijk, maar het is ook een prachtige route met genoeg afwisseling.

    Vanaf een kilometer of 90 begin ik te merken dat ik het zwaar begin te krijgen. Af en toe speelt er een spier op en lijkt het alsof er kramp in kan schieten elk moment. Ik loop op dat moment met twee mensen die de 65 doen, en krijg een magnesium drankje aangeboden. Of het helpt tegen kramp weet ik niet, maar in dit geval heb ik er dankbaar gebruik van gemaakt. Ik besluit ook om iets vaker wat van tempo te wisselen en wat korte stukken te wandelen. Dit om de belasting iets te verlagen op mijn spieren, en hopelijk daardoor niet in de verkramping te komen. Eigenlijk lukt dat goed. Zonder kramp kom ik aan bij checkpoint 7. Nog maar één checkpoint te gaan, en die staat op 106 kilometer, dus de finish is in zicht!

    Bij het checkpoint besef ik dat ik eigenlijk weinig meer gegeten heb de laatste 20 kilometer, dus ik werk nog snel een gel weg en neem twee handen pinda’s. Die pinda’s smaken een stuk beter dan al het zoete spul op dit moment. Nog één checkpoint, en dan de finish. Nog zo’n 15 kilometer, ik besef dat ik er over 3 kilometer al 100 op heb zitten en begin weer te lopen, het is nog maar een stukje denk ik, ik ga dit halen. Ik merk ook dat mijn plan het juiste was, rustig beginnen en doorblijven lopen. Ondanks dat er maar 9 kilometer zat tussen checkpoint 7 en 8, heb ik toch beide flessen volledig leeg gedronken, het is echt heel warm. Dus bijvullen, en door, want nu kun je het einde bijna zien.

    De laatste vijf a zes kilometer, een rondje om de wijk, of zoals Andrew Glaze zegt: “Your mum can do a 5k.” Ik probeer mijn tempo weer op te pikken en dat lukt redelijk, al moet ik wel zeggen dat mijn heupen het zwaar hebben nu. Maar dat is ook niet gek. Nog wat grindpaden, bospaden, en dan hoor ik in de verte mensen klappen. Zou dat dan de finish zijn? Ik denk het wel, en een man met een hond verklapt het en zegt: “Nog een paar honderd meter, goed bezig!” Wat een moment, mensen die mij kennen weten dat dit voor mij vrij ongewoon is, maar, ik zou er bijna emotioneel van worden. Honderd en twaalf kilometer hardlopen, wie denkt nou dat dat een goed idee is? Het was niet alleen een goed idee, het was ook nog eens een prachtige ervaring. Uiteindelijk finish ik als 8ste, met een tijd van 12 uur en 45 minuten volgens de tracker, 12 uur en 48 minuten volgens de handmatige registratie. Wat een dag, wat een ervaring en wat een fantastisch georganiseerd evenement! Ik wil dan ook de organisatie en alle vrijwilligers bedanken, want zonder jullie kunnen dit soort geweldige wedstrijden niet bestaan! En nu, herstellen… Want dat gaat nodig zijn.

    De uitslag
  • The North Face Altamesa 500 v2 review

    Aangezien ik steeds meer trails loop, was het tijd voor een tweede paar schoenen. Ik had vorig jaar de La Sportiva Prodigio Pro gekocht, en inmiddels daar 400 kilometer opgelopen. En eerlijk gezegd, ik denk dat ze nog wel 600 kilometer meegaan, want ik zie nog geen enkele vorm van slijtage. Maar toch was het tijd voor een tweede paar, want ik loop 6 dagen per week en dan is het wel prettig als je kunt wisselen. Ik zat te twijfelen of ik een tweede paar van de Prodigio Pro moest kopen, maar aangezien ik bij afstanden langer dan 30 kilometer wat wrijving ervaarde, besloot ik dat het tijd was om iets anders te proberen.

    In eerste instantie had ik de Brooks Cascadia Elite gevonden met een mooie korting, maar helaas was de pasvorm voor mij niet goed. Na wat onderzoek besloot ik uiteindelijk dan een paar van de The North Face Altamesa 500 v2 te bestellen. Niet echt een merk dat superbekend is om zijn trailhardloopschoenen, maar wel een merk (en vooral dit type) dat redelijk goed gereviewd wordt op het moment en voldoet aan mijn eisen: niet te zwaar, goede demping, comfortabel.

    Eerste indruk!

    Ik had de schoen besteld bij Running Point. Met een kortingscode kwam ik op 110 euro uit. Wat mij betreft een hele goede prijs voor een trailschoen. De schoen voelt licht aan, en het bovenwerk is comfortabel en ademend. Wat me ook meteen opviel toen ik de schoen aantrok, is hoe comfortabel het voelde en ook hoeveel ruimte ik had rond de tenen. Daarbij moet ik ook opmerken dat het ruim voelde zonder te ruim te zijn.

    Ik loop altijd een rondje door de woonkamer met de schoenen om een eerste indruk te krijgen, en wat mij ook opviel, is dat de schoen qua demping heel comfortabel voelde. Ik had de Altamesa v2 gekozen omdat er gebruikgemaakt wordt van een TPU-foam en ik dat zelf ook op de weg erg prettig vind. Het voordeel van TPU-foam is ook nog eens dat het in de regel wat langer meegaat dan een EVA-middenzool.

    Specificaties

    In mijn maat weegt de Altamesa v2 zo’n 280 gram. Niet super licht als je het vergelijkt met de carbon schoenen van vandaag de dag, maar voor een trailschoen wel aan de lichtere kant. Zeker als je bedenkt dat de schoen 40 millimeter hoog is in de hiel. De schoen heeft een verval/drop van 6 millimeter, dus is 34 hoog in de voorvoet. Zoals gezegd, gebruikt TNF een nieuw soort foam voor deze schoen, namelijk een TPU-foam, waardoor de demping erg prettig is en de energietergave ook goed is. Het laatste wat handig is om te weten is dat het profiel van het rubber onder de zool 4 millimeter hoog is. Wat mij betreft, meer dan voldoende voor de gemiddelde Nederlandse trail. Het is een keer geen Vibram-rubber ook, maar een eigen formule rubber van The North Face, en tot op heden kan ik er nog geen nadelen van ontdekken. Ik zie na 100 kilometer nog geen slijtage, en de tractie is goed.

    Ervaring na 100 kilometer

    Ik heb inmiddels een keer of 5-6 gelopen op de Altamesa v2 en er zo’n 100 kilometer op staan. Eigenlijk vanaf het begin voelde de schoen meteen goed. De Altamesa heeft een redelijk breed platform, wat het erg prettig maakt om er langere afstanden op te lopen, en het geeft ook een stabiel gevoel. Daarnaast is de demping prettig, niet te zacht, maar ook niet te hard. Ik heb veel verschillende soorten paden gelopen, van single track tot aan zand paden, gravel, en zelfs natte zompige weilanden. Eigenlijk was er geen ondergrond waarop ik het gevoel had dat de schoen niet comfortabel was. Zelfs op het asfalt heb ik het gevoel dat ik nog een degelijk tempo kan lopen, je merkt dat dan de middenzool echt heel responsief is en je makkelijk kan versnellen als je dat wilt.

    Wat me ook opviel, is dat het bovenwerk erg prettig is; het is een soort mesh dat niet alleen heel ademend is, maar ook nog eens snel opdroogt als het nat wordt en weinig tot geen water vast houdt. Ik heb ook geen enkele wrijving ervaren, geen blaren gehad of wat dan ook. Ik ben dan ook van plan om deze schoenen te gaan dragen tijdens de Petranpad Ultra, dus ik zal daarna deze review zeker updaten aangezien ik dan een relatief lange afstand zal afleggen op dezelfde schoenen. Nu is de maximale afstand 28 kilometer geweest, maar nogmaals, tijdens alle loopjes vond ik de schoenen erg comfortabel.

    Het laatste wat mij opviel, is de stabiliteit van de schoen. Hoewel de Prodigio Pro niet instabiel is, is de Altamesa duidelijk stabieler! Dit lijkt te komen doordat de schoen breder is en de middenzool zijwanden heeft. Nee, die zijwanden zijn natuurlijk niet gigantisch hoog, het is maar een paar millimeter, maar het zorgt ervoor dat je niet het gevoel hebt van de schoen af te glijden als je schuin staat of bochtige paden loopt. Wat ik misschien wel moet vermelden, is dat als jij een van die trailhardlopers bent die graag het bos onder hun voeten voelen, dan is de Altamesa duidelijk niet de schoen voor jou. De schoen is hoog en de demping zorgt ervoor dat het gevoel met de ondergrond wat minder is. Ik ben daar persoonlijk nooit echt naar op zoek, dus voor mij is dit verder geen probleem.

    Conclusie

    Na ruim 100 kilometer, op verschillende soorten trails in Nederland, snap ik waarom de Altamesa v2 goede reviews krijgt. De prijs, de kwaliteit, de ervaring tijdens het lopen: het zorgt ervoor dat dit wat mij betreft een dikke aanrader is. Ik ga de komende maanden nog veel meer lange trails lopen, en zal zeker een update geven als ik een echte langere afstand heb gelopen op de schoen, want daar lijkt deze schoen voor bedoeld te zijn. Wordt vervolgt!

  • De Halve van Helmond 2026

    Hoewel ik in Helmond woon, heb ik nog nooit meegedaan aan de Halve van Helmond. Dat komt natuurlijk doordat deze altijd in hetzelfde weekend valt als de Marathon van Rotterdam. Aangezien ik dit jaar niet meedeed aan de marathon, was het tijd om me in te schrijven voor de enige thuiswedstrijd van het jaar.

    Net als bij de Venloop was het plan heel simpel: de wedstrijd gebruiken als training. Dus niet te hard, maar steady die 21 kilometer uitlopen en proberen de hartslag vlak te houden, zo op het randje van zone 2, als trainingsprikkel. De start van de Halve van Helmond is in de wijk Brandevoort en ik woon daar zo’n 8 kilometer vandaan. Om wat extra kilometers in de benen te krijgen, besloot ik er ook hardlopend naartoe te gaan. Dat zorgde voor een mooi dagtotaal van 37 kilometer uiteindelijk.

    Rond kwart voor één kwam ik aan bij de start in Brandevoort en het was eigenlijk veel drukker dan ik had verwacht. De wandelaars gingen net van start en ik kon nog net Bas uitzwaaien, die samen met zijn vrouw voor het Campagneteam Huntington een mooie ronde ging wandelen.

    Om één uur was ik dan zelf aan de beurt toen het startschot klonk. Een grote groep ging er hard vandoor en deze keer kon ik mezelf wel bedwingen om niet al te enthousiast te beginnen. Het plan was om rond de 4:40 tot 4:45 per kilometer te lopen, met een hartslag van ongeveer 140 tot 145. Dat lukte eigenlijk best goed. Wel merkte ik al vrij snel dat het op sommige stukken een stuk warmer was dan gedacht en dat het parcours minder vlak was dan ik had verwacht. Niets bijzonders natuurlijk, maar toch stiekem best wat viaducten en bruggen. Wat ik me ook niet had beseft toen ik me inschreef, was dat het twee rondes waren. Zelf heb ik meer de voorkeur voor één lange ronde, maar dat neemt niet weg dat het een leuk parcours was en dat er best nog wat publiek langs de route stond.

    Mijn eerste ronde van 10,55 kilometer liep ik gemiddeld in zo’n 4:42 per kilometer, precies volgens plan. In de tweede ronde merkte ik dat het veld wat meer uit elkaar begon te trekken, zelfs al kwamen we lopers tegen van de kortere afstanden die na ons waren gestart. Die tweede ronde leek daardoor ook wat soepeler te gaan en rond kilometer 19 besloot ik om iets te versnellen om op toch een lekker tempo te finishen. Uiteindelijk liep ik de tweede ronde met een gemiddeld tempo van 4:40 en finishte ik in een tijd van 1 uur en 38 minuten, goed voor een 16e plaats in mijn leeftijdscategorie. Na de finish was het tijd om mijn softflasks bij te vullen en nog een kleine 9 kilometer naar huis te lopen. Het was een mooie dag, en zoals altijd wil ik de organisatie en alle vrijwilligers bedanken voor een mooi evenement. Tot de volgende!

  • De Venloop 2026!

    Het was weer zover: de Venloop stond opnieuw op het programma. Vorig jaar liep ik de halve marathon op uitnodiging van Arrow, en ook dit jaar had ik weer een uitnodiging gekregen. Ik had lang getwijfeld over hoe ik de wedstrijd aan zou pakken: zou ik voluit gaan, of het als training zien? Aangezien het Petranpad al op 2 mei is, besloot ik de Venloop als training te gebruiken. Om die reden had ik me ingeschreven voor zowel de 10 km als de halve marathon. Het doel was om het grootste deel van het totale aantal kilometers redelijk comfortabel in zone 2 te lopen.

    De 10 km zou om twaalf uur starten en ik was al redelijk op tijd in mijn startvak gaan staan. Gezien de drukte vorig jaar wilde ik ervoor zorgen dat ik op een goede plek kon starten, zodat ik direct op mijn eigen tempo kon lopen. Nou ja, tempo, het idee was eigenlijk om op hartslag te lopen, zo tussen de 140 en 145. Ik begon erg enthousiast en liet me meesleuren door de grote groep snelle lopers, maar na een kleine kilometer wist ik mijn tempo te vinden.

    De 10 km gaat alleen door de straten van Venlo en ik had nog niet veel publiek verwacht, maar het was eigenlijk al best druk. Ik liep de kilometers vrij gemakkelijk weg en tegen het einde besloot ik om de laatste 800 meter nog een kleine versnelling in te zetten, zodat ik met een tijd van 44:38 over de streep kwam. Mijn hartslag was 43 minuten lang vlak gebleven, dus het was een goede training.

    Na de 10 km was het tijd om shirts met startnummers te wisselen, want de halve marathon begon om twee uur. Net genoeg tijd om wat te eten en te drinken en even een fotootje te maken met de groep lopers die door Berto waren uitgenodigd. Vooral drinken was nodig, want ik vond het tijdens die 10 km eigenlijk al best warm.

    Het idee bij de halve marathon was hetzelfde als bij de 10 km: zo lang mogelijk vlak lopen in zone 2, maar in de laatste 4 à 5 kilometer mocht de hartslag omhoog. Dat ging eigenlijk ook best goed, moet ik zeggen. Ik moet wel eerlijk toegeven dat ik het gevoel heb dat mijn tempo in zone 2 de laatste tijd wat achteruit is gegaan, en ik vraag me serieus af of de Norwegian Singles Methode daar de oorzaak van is. Ik heb in ieder geval besloten dat het me niet brengt wat ik had gehoopt, dus na meer dan zes maanden is het tijd om met de methode te stoppen. Tijd voor iets anders.

    Terug naar de wedstrijd: het was weer gigantisch druk. Niet alleen in Venlo, maar ook in alle dorpen en wijken waar we doorheen liepen. Ook tijdens de halve marathon vond ik het al snel warm worden op verschillende plekken. Ik merkte dat mijn hartslag daardoor iets hoger zat dan ik had verwacht, eerder 145 dan 140, maar uiteindelijk nog binnen het plan voor de wedstrijd. Rond kilometer 16 à 17 besloot ik langzaam iets te versnellen, om rustig de tank wat leeg te lopen. Eigenlijk is dat ook wel fijn, want dit is het punt waarop de meeste mensen het moeilijk beginnen te krijgen, en wat is er nou mooier dan op dat moment te kunnen gaan inhalen?

    Na een kleine 96 minuten kwam ik uiteindelijk aan bij de finish en voelde ik me eigenlijk nog best fris, maar had ik toch ook het gevoel dat ik er een mooie, lange zone 2 training op had zitten. Nogmaals, Berto en Arrow, bedankt voor de uitnodiging, wat een fantastisch evenement! Hopelijk tot volgend jaar!

  • Nike Vomero Plus review!

    Sommigen zullen wel weten dat de Asics Superblast 2 in 2025 tot mijn favoriete schoenen behoorde. Toen ik meer dan 1000 kilometer op de Superblast 2 had gelopen, was het tijd voor een nieuw paar. Eigenlijk was ik van plan om nog een paar Superblast 2 te kopen, maar toen er een superaanbieding voorbij kwam voor de Nike Vomero Plus, besloot ik die te kopen. Uiteraard had ik van tevoren wat videoreviews bekeken en het lijkt voor veel mensen een goede schoen voor lange duurlopen te zijn, dus waarom niet?

    Eerste indruk!

    Ik loop altijd minimaal 100 kilometer voordat ik überhaupt iets schrijf over een schoen, en dat is met een goede reden, want veel schoenen hebben toch 20 tot 30 kilometer nodig om ingelopen te worden. Bij de Nike Vomero Plus was dat voor mij niet het geval; vanaf de eerste kilometer voelde de schoen goed. Ik heb door de jaren heen denk ik wel op tien versies van de Vomero gelopen, maar de Vomero Plus is echt wel iets anders.

    De middenzool van de Vomero Plus is volledig gemaakt van ZoomX, het materiaal dat Nike ook gebruikt in de Vaporfly en Alphafly. Toch voelt de schoen natuurlijk niet hetzelfde als een Alphafly of Vaporfly. Er ontbreekt hier een carbonplaat en ook de chemische samenstelling is anders, waardoor de ervaring anders is.

    Waarom is die middenzool anders? Omdat duurzaamheid bij een schoen die je dagelijks moet kunnen gebruiken natuurlijk voorop moet staan. Ik moet wel zeggen dat ik de schoen persoonlijk echt heel fijn vind lopen: de demping is goed en als het nodig is kun je er nog best een redelijk tempo op lopen. Nee, het is voor mij geen wedstrijdschoen, maar 20 kilometer op 4:20 tot 4:30 per kilometer is echt geen enkel probleem op de Vomero Plus.

    Het enige wat je na verloop van tijd gaat merken, is dat de schoen iets zwaarder is. Dat is denk ik ook meteen een van de voornaamste kritieken. Vergelijk de Vomero Plus met de Superblast en je hebt al snel een verschil van 40 tot 50 gram per schoen.

    Specificaties

    De Nike Vomero Plus weegt zo’n 285 gram en heeft een verloop (drop) van 10 millimeter, met 35 millimeter in de voorvoet en dus 45 millimeter in de hak. Persoonlijk loop ik het liefst op schoenen met een drop van rond de 6 tot 8 millimeter, maar ik moet zeggen dat de hogere drop eigenlijk niet opvalt. Wat je wel merkt is dat de schoen echt relatief hoog is, 45 millimeter is behoorlijk! De Superblast 2 was maar 2-3 millimeter lager, maar voelde toch veel minder hoog. De Vomero Plus loopt verder heel natuurlijk, ook aan het einde van een langere duurloop.

    De zool is overigens volledig bedekt met rubber, van begin tot eind. Dat is iets wat je niet veel meer ziet bij de meeste schoenen en wat waarschijnlijk ook behoorlijk bijdraagt aan het gewicht. Het bovenwerk is redelijk dik en ook dat zal best bijdragen aan het totale gewicht van de schoen.

    Het bovenwerk is wel redelijk ademend en heel comfortabel, dus eerlijk gezegd heb ik er geen probleem mee dat het wat dikker is.

    Ervaring na 150 kilometer

    Inmiddels heb ik meer dan tien keer op de Vomero Plus gelopen, met verschillende soorten loopjes: van kortere herstelloopjes van ongeveer 10 kilometer tot een trailrun van 32 kilometer. Een trail? Ja, want op het moment dat ik die liep waren alle bospaden stijf bevroren, dus wist ik dat ik geen modder zou tegenkomen. Dat neemt niet weg dat de Vomero Plus ook voor dat soort loopjes uitstekend geschikt is, en ik heb geen moment getwijfeld of ik deze schoenen moest dragen.

    Ook tijdens herstelloopjes is de Vomero Plus erg prettig. Ik heb het gevoel dat ik er rustig 6:00 per kilometer op kan lopen. Bij de EVO SL van Adidas vind ik dat bijvoorbeeld een stuk lastiger; die schoenen zorgen er altijd voor dat ik harder loop dan ik eigenlijk van plan was.

    De afgelopen twee weken heb ik in het weekend ook een lange duurloop op de weg gedaan met wat “snellere” blokjes van 5 kilometer erin, en ook dat gaat goed op de Vomero Plus. Het is relatief makkelijk om 4:30 per kilometer te lopen en dat dan in totaal zo’n 20 kilometer vol te houden. Zelf zou ik de schoen niet voor wedstrijden gebruiken, maar ik denk wel dat ik er zonder problemen een marathon op zou kunnen lopen, op zo’n 90–95% van mijn marathontempo. Ik weet alleen niet of ik dat echt zou willen, want het gewicht blijft toch een punt, en ik heb nog genoeg wedstrijden schoenen in de kast staan om te gebruiken.

    Qua duurzaamheid is het natuurlijk lastig te voorspellen, maar na 150 kilometer zie ik al wel wat slijtage aan het rubber zoals je op de foto hieronder ook kunt zien, en dat is eigenlijk wel wat vroeg. Het rubber dat gebruikt is lijkt wat aan de zachte kant. De middenzool voelt verder nog exact hetzelfde, dus de verwachting is dat de schoen zeker wel tot 600/700 kilometer meegaat. Maar zoals altijd kom ik daar later nog eens op terug!

    Conclusie

    Wat mij betreft is de Nike Vomero Plus een goede allround schoen, net zoals de Asics Superblast 2 dat is. Het grote verschil met de Superblast 2 is het gewicht en natuurlijk ook de prijs. Ik kocht de Nike Vomero Plus voor 120 euro bij RunningXpert.com, terwijl de Superblast 2 op dit moment al snel 180 euro kost. (De Superblast 3 is net uit, dus de SB2 is nu in de aanbieding.)

    Als ik kijk naar hoe ik de Vomero Plus op dit moment gebruik, dan is dat nagenoeg hetzelfde als de Superblast 2: lange duurlopen, herstelloopjes en sporadisch een trail (mits het niet geregend heeft!). Als ik dan zou moeten kiezen, zou ik op dit moment voor de Nike Vomero Plus gaan. Niet alleen omdat de schoen echt veel goedkoper is, maar ook omdat de Vomero Plus comfortabel en relatief responsief is. Al moet ik wel zeggen, de Asics Superblast 3 klinkt eigenlijk als een combinatie van de Superblast 2 en de Vomero Plus, dus misschien moet ik die ook maar aanschaffen om te testen.

  • De 65 van Walcheren

    Zondag 1 maart was het dan zover: de 65 van Walcheren! Ik had me maanden geleden ingeschreven en de afgelopen tijd hard getraind. Voor mijn gevoel was ik er helemaal klaar voor, na acht weken met meer dan 90 kilometer per week in totaal in de afgelopen negen weken. Van tevoren leek het weer ook mee te zitten: weinig wind en een graad of 7, ideaal voor de kust. Helaas bleken de weergoden mij toch minder goedgezind, want een paar dagen van tevoren veranderde de voorspelling naar windkracht 5-6 met een gevoelstemperatuur van -1.

    Na een lange autorit van bijna 2,5 uur kwam ik rond 8 uur aan in Westkapelle. Het was tijd om het startnummer op te halen en te kijken of het echt zo koud zou aanvoelen als ze voorspelden. Dat bleek al heel snel het geval te zijn, en de wind zou ook zeker een rol spelen vandaag. De keuze was dus: korte broek, shirt, long sleeve, handschoenen en natuurlijk een trailvest.

    Om precies 9 uur klonk het startschot en konden we vertrekken. Al snel, na een paar kilometer, bleek dat dit zwaar zou worden. Mijn horloge gaf uiteindelijk 622 hoogtemeters aan, maar ik denk dat er al 400 in de eerste 15 kilometer zaten. Een prachtig stuk om te lopen, langs de kust via de duinen richting Vlissingen, maar wel wat zwaarder dan ik eigenlijk had ingeschat.

    Bij Vlissingen aangekomen kon ik rustig doorlopen, op een voor mij relatief rustig tempo. Ik merkte al wel na een paar kilometer dat de temperatuur omhoog ging, in ieder geval het gevoel was dat het plotseling veel warmer was dan bij de start. Ik besloot dan ook uiteindelijk, pas, rond een kilometer of 23 om mijn longsleeve uit te doen. Achteraf gezien misschien wel te laat, want ik was al best wat vocht verloren. Vanaf 26 kilometer tot zo’n 40 kilometer trok je over Walcheren heen naar de andere kant. Dit was niet altijd het leukste stuk om te lopen, maar ook dat hoort erbij, al was het wel leuk om door de verschillende dorpen te lopen en de aanmoedigingen te horen van het publiek. Ik begon ook rond zo’n 30 kilometer te merken dat ik wat last van lichte kramp begon te krijgen, iets wat mij eigenlijk nog nooit is gebeurd rond deze afstand, en al helemaal niet op een tempo van gemiddeld 5:10 – 5:15 per kilometer.

    Vanaf een kilometer of 40 kom je weer aan bij de kust, en begin je aan de loodzware laatste 25 kilometer. Veel strand, mul zand, nat zand waar je 5-6 centimeter in wegzakt, en hier en daar ook nog hoogtemeters. Dit was uiteraard dan ook het punt waarop de kramp er echt volledig inschoot. En daar waar ik een constant tempo had kunnen lopen tot nu toe, moest ik nu echt terugschakelen. Elke stap had ik het gevoel dat de kramp erin kon schieten, en helaas gebeurde dat ook regelmatig. Je zou denken, misschien je voeding of drinken? Maar ik nam elke 6 kilometer een gel met 40 gram koolhydraten en had mijn twee softflasks van 500 ml minimaal 4 keer gevuld. Ik had ook nog twee zoutpillen genomen, maar misschien was dat toch niet genoeg, en begon ik te laat met drinken. Mijn spieren gaven het op, terwijl mijn conditie top voelde. Misschien is het wel het gevolg van het volgen van de Norwegian Singles Methode. Misschien kwam het doordat het toch warmer was dan gedacht, misschien was ik minder goed voorbereid dan ik dacht, of misschien ben ik gewoon oud. Hoe dan ook, hier moet ik iets mee.

    Na de lange stukken over het strand, met windkracht 5-6 tegen, was het tijd voor de laatste 6 kilometer, voornamelijk over verharde paden door de duinen richting Westkapelle. En dat dit minder zwaar was, is dan ook wel duidelijk terug te zien aan mijn tempo. Hier kon ik weer blijven lopen zonder kramp te krijgen. Na 6 uur en 24 minuten kwam ik volledig gesloopt aan bij de finish. Het zat er eindelijk op! Wat een strijd tegen de elementen en tegen alles wat Walcheren te bieden heeft qua terrein. Ik wil de organisatie bedanken voor een geweldig georganiseerd evenement en voor een mooie, maar pijnlijke, dag!

Duncan Epping

Hardloper, nerd, en liefhebber van harde muziek.
Je kunt me vinden op X, Strava, en LinkedIn.